Diensten JPR Advocaten Actueel
 

Nieuwsbrief Arbeidsrecht - Is de gouden handdruk straks niet meer van goud?

Nieuws

De laatste tijd staat de ontslagvergoeding weer volop in de belangstelling.
Sociale partners en minister Donner zouden ondermeer hebben afgesproken dat werknemers met een bruto jaarinkomen van € 75.000,00 bij ontslag maximaal 1 bruto jaarsalaris meekrijgen.


Of het werkelijk deze kant opgaat is om verschillende redenen nog maar de vraag.

Kantonrechtersformule

De huidige praktijk waarbij de ontslagvergoeding volgens de kantonrechtersformule wordt berekend is niet in een wettelijke regeling vastgelegd.
De wet spreekt slechts van een vergoeding naar billijkheid.
Een vage norm die in het verleden leidde tot veel kritiek omdat de uitkomst erg wisselend kon zijn.
Ondermeer werkgeversverenigingen maar ook advocaten hadden kritiek op de grote verschillen in toegekende vergoedingen door de kantonrechters.

Om aan deze onberekenbare uitkomsten een einde te maken hebben de kantonrechters in de jaren 90 besloten een aanbeveling op te stellen die in de praktijk de kantonrechtersformule is gaan heten.
Formeel zijn rechters niet aan deze berekeningswijze gebonden, in de praktijk wordt de formule wel veel toegepast.

Berekening

De berekening volgens de kantonrechtersformule ziet er als volgt uit:

A x B x C

 

A= aantal gewogen dienstjaren tot 40 jaar : x 1
  Tussen 40 en 50: x 1,5
  Vanaf 50 jaar : x 2


B= bruto salaris per maand, inclusief vaste loonbestanddelen zoals vakantiebijslag en een dertiende maand

C= correctiefactor waarbij de mate van verwijtbaarheid van werkgever of werknemer wordt bepaald. Ingeval geen der partijen iets valt te verwijten is sprake van een neutraal geval die neerkomt op factor 1

Knelpunt

In de huidige praktijk leidt deze formule er toe dat afscheid nemen van oudere werknemers met veel dienstjaren een kostbare aangelegenheid kan zijn..

Voorbeeld
Een 54 jarige werknemer met 17 dienstjaren, geeft 26 gewogen dienstjaren.

4 x 2 = 8
10 x 1,5 = 15
3 x 1 = 3
totaal 26

In geval van bijvoorbeeld niet verwijtbaar disfunctioneren, waarbij geen der partijen iets valt te verwijten, komt de vergoeding uit op 26 bruto maandsalarissen.
Dat kan dus een zeer kostbare grap worden.

Kritiek

De laatste jaren wordt met name vanuit werkgeverszijde nogal wat kritiek uitgeoefend op deze formule vanwege de hoge vergoedingen voor oudere werknemers met veel dienstjaren.
Als mogelijke oplossing is in het verleden ondermeer voorgesteld om de factor B te halveren, dat wil zeggen in plaats van 1, een ˝ bruto maandsalaris als uitgangspunt te nemen.

Het laatste voorstel, waarover nu wordt gesproken, is van begin september 2008.
Minister Donner zou met de sociale partners hebben afgesproken de vergoeding voor werknemers met een salaris van meer dan € 75.000,- bruto te maximeren tot 1 bruto jaarsalaris. Op basis van berichtgeving uit de media lijkt dit plan niet goed doordacht.

Onredelijk plan?

Allereerst lijkt de gekozen grens van € 75.000,- bruto nogal arbitrair.

Daarnaast leidt deze grens ook tot ongelijkheid.

Voorbeeld
Werknemer A en B : beiden 54 jaar en 17 dienstjaren.
Weknemer A verdient € 80.000,- bruto per jaar
Werknemer B verdient € 60.000,- bruto per jaar

Volgens het laatste voorstel ontvangt werknemer A een vergoeding van € 80.000,- bruto terwijl werknemer B, ingeval van een neutrale situatie, een vergoeding volgens de kantonrechtersformule ontvangt, hetgeen uitkomt op € 130.000,- bruto ( 26x € 5.000,-).
Een verschil dat niet valt uit te leggen laat staan dat deze vergoeding nog hoger kan uitvallen in het geval de werkgever terecht een verwijt kan worden gemaakt. Immers, in dat geval zal de kantonrechter een hoge(re) correctiefactor toepassen.

Los van het bovenstaande heeft het voorstel geen invloed op al die regelingen die bij aanvang van de arbeidsovereenkomst in de vorm van een golden parachute worden aangegaan, noch ziet het op regelingen die in onderling overleg in het kader van een beëindigingovereenkomst worden getroffen.

Kortom, het lijkt zeer de vraag of dit voorstel stand houdt, waarschijnlijk niet.
In ieder geval is het laatste woord over de ontbindingsvergoeding nog niet gesproken.

Karst Kalma
Vestiging Enschede

Printbare versie